home
ZOEKENSITEMAP PRINT
HOME
WELKOM
SEIZOEN 10/11
KALENDER
PRAKTISCH
NIEUWSBRIEF
WIE IS WIE
HOOFDSPONSOR FIDEA
GASTENBOEK
DE FOYER



MORTIERGESCHUT OF TROMPETGESCHAL?
deredactie.be, 30.01.10, Michael De Cock

Aanstaande maandag worden de cultuurprijzen uitgereikt. Een hoogdag voor het Vlaamse cultuurleven moet dat worden. Jammer genoeg is naar goede gewoonte het feestje al vergald nog voor het aperitief geserveerd wordt. Eén van de laureaten heeft - ook naar goede gewoonte -de prijs geweigerd. Nog even en het is een vraag voor de slimste mens... Welke vijf Vlaamse kunstenaars weigerden een cultuurprijs? Appelen worden door obscure jury's met citroenen vergeleken, luidt ongeveer de kritiek.
Strategisch gezien zijn de weigeraars met voorsprong het slimst. Ze vangen dan wel naast de hoofdprijs, ze zijn wel de enige die nog een beetje boven het maaigras uitsteken. Wie immers kent de laureaten, laat staan de genomineerden van deze of vorige edities?

ONT-PRIJZEN GRAAG
Het culturele veld is allicht aan ont-prijzen toe. U moet voor het plezier eens een lijstje maken van alle prijzen, literatuur en podiumkunsten... die er op een kalenderjaar verdeeld worden. Ooit kon je nog hopen dat een prijs een manier was om een kunstenaar en zijn werk bekender te maken bij een groot publiek. Maar dat is lang voorbij, de cultuurberichtgeving heeft onder druk van de markt een historisch dieptepunt bereikt, en in plaats van meer inzicht in het werk van deze of gene kunstenaar te verschaffen, wordt er hoofdzakelijk - om niet te zeggen alleen - over de heisa eromheen bericht.
En dus heeft kersvers minister Joke Schauvliege een probleem. Eén dat ze zal bekijken, na de uitreiking van deze prijzen, zo beloofde ze alvast. Als de minister zichzelf een cadeau wil doen, dan schaft ze, zoals KVS-directeur Jan Goossens eerder aangaf, de cultuurprijzen beter af.

EEN PRIJS ALS TV-FORMAT
De enige prijzen die de laatste jaren aan impact wonnen, zijn de MIA's. Niet omdat ze inhoudelijk zoveel interessanter zouden zijn dan de neven en nichten, maar omdat die prijzen als tv-format bankable zijn. En daarmee zijn we tot één van de kernwoorden van dit betoog gekomen: marktwaarde.
Ik heb de moeite gedaan wel eens naar de lijst van genomineerden te kijken. Als er mij al één ding opvalt bij de meer dan dertig genomineerden, dan is het dat er niet één gekleurd gezicht in te bespeuren valt. Pas un seul. Als al die onafhankelijke jury's, kenners van hun vakgebied, los van elkaar tussen al die kunstenaars zo weinig échte diversiteit ontwaren, wat moet je dan denken? Dat we in een soort culturele apartheid leven? En wat leert het ons? En ligt het aan de selectie van de jury? Of aan de selectie van de jury? Als u mij begrijpt. Fraai is het niet. Bedenkelijk ook, in een regio waar de laatste tien jaar participatie het codewoord was in haast elk subsidiedossier.

NAAR DE CONSERVATORIA
Maar hoe zou je ook, in het land van ons kent ons, nieuwe gezichten introduceren, als jongeren van een andere origine niet eens in onze opleidingen te vinden zijn? Als ik Schauvliege was, ik ging met Pascal Smet aan de arm naar de diverse Vlaamse conservatoria om te vragen hoe het komt dat er nauwelijks jongeren van vreemde afkomst een opleiding aanvatten, laat staan afstuderen. Daarin doen we met grote voorsprong slechter dan pakweg Wallonië of Nederland. Ik zou die opleidingen vragen hoe dat komt, en vervolgens wat men er aan plant te doen. Minister Schauvliege doet er goed aan - zoals ze ook beloofd heeft - om participatie hoog op de agenda te laten staan. Want ondanks alle inspanningen op de podia, zit het monoculturele frame bij velen diep in de genen ingebakken.

HET MARKTGERICHTE DENKEN
Als participatie het modewoord was het voorbije decennium, dan lijkt het marktgerichte denken dat voor de komende jaren te worden. Logisch in tijden van crisis. Minder logisch in een cultuurbeleid. Daar waar de markt decennialang werd uitgespuwd door de culturele sector, dreigt het nu tot modewoord in artistieke dossiers te worden gepromoveerd. Cynisch, toch? Eerst stuikt die markt, opgezet in virtuele programma's en computers in elkaar, vervolgens dringt ze, in een laatste stuiptrekking, iedereen nog haar wetten op.
Er bestaan grote misverstanden aangaande het marktdenken van kunstenaars. Het beeld van de kunstenaar die geen benul heeft van wat er leeft en zonder oog voor middelen geld verbrast is vals. Ook al cultiveren sommige beleidsmakers en kunstenaars het. Meestal is het tegendeel waar. Ik ken geen theatermaker, of kunstenaar die niet marktgericht denkt. Die zich niet afvraagt hoe hij in de krant geraakt, hoe hij zijn stuk verkocht krijgt, hoe hij naar het buitenland kan, hoe hij zijn zalen gevuld krijgt. De grote vertegenwoordigers van onze cultuur, pausen à la Jan Decorte of Jan Fabre, zijn evenveel marketeer als maker. Of denkt u dat het toeval is dat hun stijl een merknaam is geworden?
Het is een gevaarlijk spel om de markt te veel te laten ingrijpen of toe te laten de bepalende factor te zijn in creatieve processen. De logica van de markt spoort niet met die van een artistiek creatieproces. De markt tracht in te schalen en te meten wat in artistieke processen - godzijdank- organisch en intuïtief verloopt.
Je kan niet zomaar de kost van een voorstelling die moeilijk verkoopt, of moeilijk de weg naar een publiek vindt, afknallen omdat ze te duur is per toeschouwer. Zo is theater veel meer dan theater. De huidige boom van de Vlaamse cinema is voor een stuk te danken aan het florissante theaterleven dat Vlaanderen kent en kende. Waar denkt u dat de humus lag voor Ben X? Of waar anders dan in het theater om de hoek, dacht u dat de nonkels uit de helaasheid hun stiel hebben geleerd?

DE STUDIERONDE IS VOORBIJ
Dat minister Schauvliege, na het mortier - en ander geschut een studieronde heeft ingelast is wijs. Die studieronde is intussen ruim voorbij. De handrem mag af. Een eigenzinnige cultuurminister met een visie, een cultuurminister die een sociaal bewust beleid uitstippelt, met een langetermijnvisie in het achterhoofd, klaar en gewapend om de virtuele wereld van de statistieken en Excel-bestanden te lijf te gaan, dat hebben we nodig. Dat zou moedig en relevant zijn.
In dat eigenzinnig landschap zijn cultuurprijzen en trompetgeschal weer op hun plaats.







sitemap bookmark print design: KickTease website by webalive